Het gezond verstand zegt ons dat een zekere mate van bezorgdheid voor de mening van anderen nuttig is voor het cultiveren van goede relaties en het handhaven van de sociale samenhang. Maar de meeste mensen trekken zich te veel aan van wat anderen denken, en in deze video zullen wij nagaan hoe dat schadelijk is voor onze psychologische gezondheid. Wij zullen bekijken hoe wij, als wij ons meer op ons gemak gaan voelen bij spot, afwijzing en de minachting van anderen, onze kans op een bevredigend leven aanzienlijk kunnen vergroten, schrijft Academyofideas.com.

“Het blijft me verbazen: wij houden allemaal meer van onszelf dan van andere mensen, maar geven meer om hun mening dan om die van onszelf.” ∼ Marcus Aurelius, Meditaties

In het moderne Westen wordt grote nadruk gelegd op het verkrijgen van sociale validatie en op er goed uitzien in de ogen van anderen, en dit schept een bevolking van mannen en vrouwen die in hun ontwikkeling belemmerd worden. Want sociale validatie wordt in de eerste plaats aan één ding ontleend – succes in de uiterlijke wereld, of althans de schijn daarvan. Onze beroepstitel, onze materiële bezittingen, de grootte van onze bankrekening, ons uiterlijk en onze kledingkeuzes, de status van de mensen met wie wij omgaan, dat zijn de dingen die de bevestiging brengen waar zovelen naar hunkeren. Maar deze overdreven gerichtheid op de wereld van mensen, plaatsen en dingen is geen gezonde manier om te leven, want zoals Carl Jung schrijft:

“De mens wiens interesses allemaal buiten zijn, is nooit tevreden met wat noodzakelijk is, maar hunkert voortdurend naar iets meer en beters, dat hij, trouw aan zijn vooringenomenheid, altijd buiten zichzelf zoekt. Hij vergeet volkomen, dat hijzelf, bij al zijn uiterlijke successen, innerlijk dezelfde blijft. Het is duidelijk dat het uiterlijke leven van de mens veel beter en mooier zou kunnen, maar die dingen verliezen hun betekenis wanneer de innerlijke mens er geen gelijke tred mee houdt.” ∼ Carl Jung, Psychologie en Religie

Jung was geen asceet die de waarde van werelds succes ontkende, maar zijn punt was dat zonder een verbetering en verfraaiing van de innerlijke mens, of wat neerkomt op de toestand van onze psyche, uitwendig succes ons niet rijker zal maken. Wij kunnen ons omringen met een weelde van materiële goederen, wij kunnen het hedendaagse sociale-ideaal van schoonheid en stijl bereiken, onze gelijken kunnen ons bewonderen, maar als de innerlijke mens verwaarloosd wordt, zullen ellende en lijden onze dagen achtervolgen, of zoals Jung uitlegt:

“Verzadigd zijn met de “benodigdheden” [van uiterlijk succes] is ongetwijfeld een onschatbare bron van geluk, maar toch blijft de innerlijke mens zijn eis verheffen, en die kan door geen uiterlijke bezittingen bevredigd worden. En hoe minder deze stem gehoord wordt in het najagen van de schitterende dingen van deze wereld, hoe meer de innerlijke mens een bron wordt van onverklaarbaar ongeluk en onbegrepen ongeluk te midden van levensomstandigheden waarvan men een geheel andere uitkomst verwachtte. De veruiterlijking van het leven slaat om in ongeneeslijk lijden, omdat niemand kan begrijpen waarom hij aan zichzelf zou moeten lijden… Dat is de ziekte van de westerse mens…” ∼ Carl Jung, Psychologie en religie

Maar als een overdreven gerichtheid op de uiterlijke wereld en een daarmee gepaard gaande verwaarlozing van onze innerlijke ontwikkeling de ziekte van het Westen is, wat is dan de remedie? Wij moeten van het pad van de conformiteit afstappen – want conformeren betekent sociale bevestiging zoeken door het ideaal van uiterlijk succes – en wij moeten ons leven heroriënteren om meer orde, harmonie en kracht in onze psyche te brengen. Wij moeten, met andere woorden, een authentieker leven leiden, een leven dat gehoor geeft aan de roep van onze innerlijke mens, of zoals de 16e eeuwse filosoof Michel de Montaigne uitlegt:

“Wat het ook is, of het kunst of natuur is, die ons deze toestand van leven naar anderen heeft ingeprent, het doet ons veel meer kwaad dan goed. Wij bedriegen onszelf van wat werkelijk nuttig voor ons is, om de schijn in overeenstemming te brengen met de algemene opinie. Wij geven minder om de echte waarheid van ons innerlijk dan om hoe wij bij het publiek bekend zijn.” ∼ Montaigne, Over de ijdelheid

Maar om een van de weinigen te zijn die ophouden te leven door naar anderen te verwijzen, is een verminderde vrees nodig voor spot, afwijzing en de afkeuring van anderen. Want iemand die zulke dingen vreest, blijft een conformist en daardoor voor altijd vatbaar voor de ziekte waarvan Jung sprak. En zo, in de erkenning dat een angst het best vermindert door blootstelling aan het gevreesde voorwerp, kunnen wij ons wenden tot de oude filosofische praktijk om ons opzettelijk te gedragen op een manier die sociale afkeuring oproept. De Romeinse senator Cato, een aanhanger van de Stoïcijnse filosofie, die leefde in de eerste eeuw voor Christus, was een voorstander van deze praktijk en zoals William Irvine schrijft in zijn boek A Guide to the Good Life: The Ancient Art of Stoic Joy:

“Een manier om onze obsessie met het winnen van de bewondering van andere mensen te overwinnen, is om uit onze weg te gaan om dingen te doen die waarschijnlijk hun minachting zullen opwekken…. Cato maakte er een punt van de dictaten van de mode te negeren. Volgens Plutarch deed Cato dit niet omdat hij “ijdelheid zocht”; integendeel, hij kleedde zich anders om “zich alleen te schamen voor wat werkelijk beschamend was, en de lage dunk van de mensen over andere dingen te negeren.” Met andere woorden, Cato deed bewust dingen om de minachting van andere mensen op te wekken, alleen maar om zich te oefenen in het negeren van hun minachting.” ∼ William Irvine, Een gids voor het goede leven: De oude kunst van de stoïcijnse vreugde

Een andere beroemde figuur die zich met deze praktijk bezighield was Diogenes de Cynicus, die leefde in de 4e eeuw v. Chr. Bijna dagelijks ondernam Diogenes daden die spot, afwijzing en minachting opriepen. Hij liep bijvoorbeeld achteruit de schouwburgen binnen, tegen de stroom in van iedereen die naar buiten liep, om zich te gewennen aan daden van non-conformiteit. Wanneer hij dat deed, bespotten de mensen hem en vragen zij naar zijn bedoeling, waarop hij antwoordde:

“Schaamt gij u niet, dat gij, terwijl gij in het leven in de verkeerde richting wandelt, mij bespot, omdat ik achteruit loop?” ∼ Diogenes de Cynicus, Uitspraken en Anekdotes

Diogenes slaagde er zo goed in zich los te maken van elke zorg over wat anderen van hem dachten, dat hij een mate van vrijheid bereikte waarvan de meesten alleen maar kunnen dromen – de ketenen van de mening van anderen beperkten hem niet langer, de last van sociale bevestiging drukte niet meer op hem en in plaats van zijn leven vorm te geven om er goed uit te zien in de ogen van anderen, was zijn enige doel het cultiveren van een grootheid van zichzelf door beheersing van lichaam en geest.

“Toen iemand tegen Diogenes zei: “De meeste mensen lachen u uit”, antwoordde hij: “En ongetwijfeld lachen de ezels mij uit; maar zoals zij geen acht slaan op de ezels, zo sla ik geen acht op hen.”” ∼ Diogenes de Cynicus, Uitspraken en Anekdotes

Deze benadering van het leven had niet tot gevolg dat er door al zijn gelijken op Diogenes neergekeken werd, veeleer bewonderden vele beroemde figuren hem – Alexander de Grote was zo onder de indruk van zijn karakter, dat hij verklaarde:

“Als ik Alexander niet was, zou ik Diogenes willen zijn!” ∼ Diogenes de Cynicus, Uitspraken en Anekdotes

Terwijl de grote stoïcijnse filosoof Epictetus Diogenes beschouwde als het zeldzame voorbeeld van een echte wijze:

“Maar ik kan u een vrij man laten zien, om u te besparen dat u nog langer naar een voorbeeld hoeft te zoeken. Diogenes was vrij.” ∼ Epictetus, Vertogen

Om dichter bij het ideaal van een Diogenes te komen, kan het nuttig zijn om de volgende mentaliteit aan te nemen wanneer wij onze praktijk beoefenen: wij doen niet aan non-conformisme alleen maar om er als een dwaas uit te zien, noch om aandacht te trekken of mensen te ergeren. Ons doel is meer te leren over de menselijke natuur en meer over ons eigen potentieel. Wij beoefenen wat Nietzsche “psychologische observatie” noemde, en wanneer onze daden dus spot of afkeuring oproepen, kunnen wij het advies opvolgen van de filosoof Arthur Schopenhauer, die het volgende adviseerde:

“Als u een bijzonder trekje van gemeenheid of domheid tegenkomt, moet u oppassen dat u zich er niet aan ergert of verontrust, maar dat u het slechts beschouwt als een aanvulling op uw kennis – een nieuw feit dat u in overweging moet nemen bij het bestuderen van het karakter van de mensheid. Uw houding ertegenover zal die zijn van de mineraloog die op een zeer karakteristiek specimen van een mineraal stuit.” ∼ Arthur Schopenhauer, Adviezen en stelregels

Een andere manier om de angel van de spot te verzachten, is te bedenken dat heel vaak de mensen die het snelst oordelen en het buitensporigst zijn met hun beledigingen, degenen zijn wier mening er het minst toe doet. Het zijn geen mannen en vrouwen van gezond verstand, maar individuen die verteerd worden door de ziekte van het Westen en die kritiek gebruiken als een middel om hun ellende en zelfhaat op anderen te projecteren, en zoals Epictetus schreef:

“Wie zijn deze mensen, wier bewondering gij zoekt? Zijn zij niet degenen die u gewoon bent als gek te omschrijven? Welnu, is dat dan wat u wilt – bewonderd worden door krankzinnigen?” ∼ Epictetus, Vertogen

Deze oude filosofische praktijk om ons vrijwillig bloot te stellen aan spot en afwijzing zal ons een belangrijke les leren: de wereld vergaat niet als iemand ons te schande maakt, en het doet ons eigenlijk geen kwaad als anderen onze wegen afkeuren, zolang wij ons maar goed voelen bij de acties die wij ondernemen. Mettertijd zullen beledigingen en negatieve oordelen van anderen niet meer dan loze woorden worden, die wel door onze oren gaan, maar onze geest niet storen. Wij zullen ons niet langer gedwongen voelen te leven naar het voorbeeld van anderen en als wij dan bereid zijn te luisteren naar de roep van onze innerlijke man of vrouw zal er een groter leven voor ons opengaan. Vrij van de angst belachelijk gemaakt te worden, zullen wij vrij zijn van de ziekte van de westerse mens.

“De grootste hoogte van heldhaftigheid die een individu kan bereiken, is te weten hoe hij de spot onder ogen moet zien; beter nog, te weten hoe hij zich belachelijk kan maken en niet terug te deinzen voor de spot.” ∼ Miguel de Unamuno, De tragische zin van het leven


Copyright © 2022 vertaling door Frontnieuws. Toestemming tot gehele of gedeeltelijke herdruk wordt graag verleend, mits volledige creditering en een directe link worden gegeven.

COVID-19 VACCIN DOSSIER

De oorlog tegen “desinformatie” winnen



Volg Frontnieuws op Telegram

Wikipedia verwijdert de namen van klimaatsceptische wetenschappers uit de geschiedenis

Lees meer over:

8 REACTIES

  1. Goed artikel, maar wie is heden ten dage ‘de Westerse mens’?
    Nergens op aarde wonen zoveel culturen tezamen als in de Westerse wereld, dus wie is dan de westerse mens?

  2. Ik heb regelrecht schijt aan wat een ander van mij vindt, mede daarom voel ik mij sterk wat betreft mijn ongeloof in bijvoorbeeld de coronakerk, de klimaatkerk, etcetera…

  3. Het is juist wel belangrijk om je daar druk om te maken.
    Mensenbewerkers/opdringers/naar-onderen-trappers moet je keihard aanpakken.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here