“Toen ik een jongen was”, herinnert Waters McIntosh zich, die een slaaf was geweest in Sumter, South Carolina, “zongen we vroeger, liever een nikker dan een arme blanke man. Zelfs in de slavernij zongen we dat.”

Foto: “Breaker boys”, die stukken steenkool uit elkaar haalden, werkten in 1911 in Ewen Breaker van Pennsylvania Co.

De opmerking van McIntosh onthult dat de arme blanken van het Zuiden onder de Zwarten in sociale status stonden, slaven voelden een ongebreidelde minachting voor de lagere klasse blanken. Frederick Douglas opende zijn beroemde ‘Life and Times’ met een verslag van Talbot County, Maryland, waarvan hij zei dat het een “blanke bevolking van de laagste orde” huisvestte.

In het hele Zuiden leefden de slaven van veel van de grotere planters in een samenleving van Zwarten en welgestelde blanken en werden aangemoedigd om zelfs respectabele werkende blanken met minachting te bekijken. Ella Kelly, die een slaaf was geweest in South Carolina: “Weet je, baas, vandaag de dag bestaan er drie soorten mensen. Het laagst van allemaal is een laag van blanken, dan is er in het midden een laag van gekleurde mensen, en bovenop is de crème de la crème, een laag van goede blanken”.

Twee jaar geleden weigerde premier Paul Keating van Australië tijdens haar staatsbezoek “het nodige respect” te tonen voor de Britse koningin Elizabeth II. In reactie daarop zei Terry Dicks, een conservatief lid van het Britse parlement: “Het is een land van ex-veroordeelden, dus we moeten niet verbaasd zijn over de onbeschoftheid van hun premier”.

Een snauw als dit zou als ondenkbaar worden beschouwd als het tegen een andere klasse of ras van mensen zou worden uitgesproken, behalve tegen de nakomelingen van de blanke slavernij. De opmerking van Dicks is niet alleen krenkend, maar ook arrogant en vals. De meeste van de “veroordeelden” van Australië werden in slavernij gebracht voor zulke “misdaden” als het stelen van zeven meter kant, het kappen van bomen op het landgoed van een aristocraat of het stropen van konijnen om een uitgehongerde familie te voeden, schrijft Michael A. Hoffman II, de auteur van ‘They Were White and They Were Slaves: The Untold History of the Enslavement of Whites in Early America and Industrial Britain’.

De arrogante veronachtzaming van de holocaust die de aristocratie de armen en de arbeidersklasse blanken van Groot-Brittannië heeft aangedaan, gaat door in onze tijd omdat de geschiedenis van dat tijdperk bijna volledig uit ons collectieve geheugen is uitgeroeid.

White and black slaves

Wanneer men erkent dat blanke slavernij in Amerika heeft bestaan, wordt dit bijna altijd aangeduid als een tijdelijke “contractuele dienstbaarheid”, of als een deel van de veroordeelden-dwangarbeid, die na de Amerikaanse revolutie van 1776 in het middelpunt stond van Australië in plaats van Amerika. De “veroordeelden” die onder de Waltham Act van 1723 naar Amerika werden getransporteerd, waren misschien 100.000 personen.

De gecontracteerde bedienden die gedurende 4 tot 7 jaar het zilver en porselein van de meester poetsten en vervolgens hun plaats innamen in de koloniale high society, waren een minieme fractie van de grote onbezongen honderdduizenden blanke slaven die vanaf het begin van de 17e eeuw in dit land tot hun dood moesten werken.

De helft van alle aankomsten in de Amerikaanse koloniën waren blanke slaven en zij waren Amerika’s eerste slaven. Deze blanken waren slaven voor het leven, lang voordat Zwarten dat ooit waren. Deze slavernij was zelfs erfelijk. Blanke kinderen die geboren werden bij blanke slaven werden ook tot slaaf gemaakt.

Blanken werden ter plekke met kinderen geveild en gescheiden van hun ouders en echtgenotes verkocht. Zwarte landeigenaren flandeerde door de straten van Noord- en Zuid-Amerikaanse steden terwijl blanke slaven tot hun dood moesten werken in de suikerfabrieken van Barbados en Jamaica, en op de plantages van Virginia.

Het establishment heeft de verkeerde benaming van “contractuele dienstbaarheid” gecreëerd om het feit van de blanke slavernij weg te redeneren en te minimaliseren. Maar gebonden blanken in het vroege Amerika noemden zichzelf slaven. Negentiende van de blanke slavernij in Amerika werd uitgevoerd zonder enige vorm van contract, maar volgens de zogeheten “gewoonte van het land”, zoals het bekend stond, wat levenslange slavernij was die door de blanke slavenhandelaren zelf werd opgelegd.

In de wetten van George Sandys voor Virginia werden de blanken “voor altijd” tot slaaf gemaakt. De dienst van blanken gebonden aan Berkeley’s Hundred werd beschouwd als “eeuwig”. Deze verslagen zijn afkomstig uit veel aangeprezen standaard naslagwerken, zoals Abbott Emerson Smith’s ‘Laughable whitewash, Colonists in Bondage’.

Ik daag elke onderzoeker uit om het 17e eeuwse koloniale Amerika te bestuderen, door de documenten, het jargon en de statuten aan beide zijden van de Atlantische Oceaan te zeven, en men zal ontdekken dat blanke slavernij een veel uitgebreidere onderneming was dan zwarte slavernij. Het is pas in de 18e eeuw dat men meer “slavernij” tegenkomt op basis van “contractuele dienstbaarheid”. Maar zelfs in die periode was er sprake van ontvoering van Angelsaksen tot slavernij en van veroordeeld tot slavernij.

In 1855 was Frederic Law Olmsted, de landschapsarchitect die het Central Park van New York ontwierp, in Alabama op een plezierreisje en zag hij hoe balen katoen van grote hoogte in het ruim van een vrachtschip werden gegooid. De mannen die de balen wat roekeloos in het ruim gooiden waren negers, de mannen in het ruim waren Ieren.

Olmsted informeerde hiernaar bij een scheepswerknemer. “Oh”, zei de werker, “de negers zijn te veel waard om hier te riskeren; als de Paddies overboord worden geslagen of hun rug gebroken wordt, verliest niemand iets.”

Voordat de Britse slavendrijvers naar de westkust van Afrika reisden om zwarte slaven te kopen van Afrikaanse stamhoofden, verkochten ze hun eigen blanke arbeidersklasse – “de overtollige armen” zoals ze werden genoemd, uit de straten en steden van Engeland in slavernij. Tienduizenden van deze blanke slaven waren ontvoerde kinderen. In feite is de oorsprong van het woord kidnapped, kid-nabbed [nabbed: ontvoerd], het stelen van blanke kinderen voor de slavernij.

Volgens het ‘English Dictionary of the Underworld’, staat onder het kopje kidnapper de volgende definitie: “Een dief van mensen, vooral van kinderen; oorspronkelijk voor de export naar de plantages van Noord-Amerika.”

Het centrum van de handel in kindslaven lag in de havensteden van Groot-Brittannië en Schotland:

Ronselaar-bendes in dienst van lokale kooplui zwierven door de straten en grepen met geweld jongens die geschikte koopwaar leken voor de slavenhandel. Kinderen werden in kuddes door de stad gedreven en opgesloten voor verzending in schuren… Zo flagrant was de praktijk dat mensen op het platteland Aberdeen vermeden om kinderen naar de stad te brengen uit angst dat ze gestolen zouden worden; en zo wijdverspreid was de samenzwering van kooplieden, verschepers, leveranciers en zelfs magistraten dat de man die het blootlegde, gedwongen werd om zich te herroepen en de stad uit te rennen. (Van der Zee, Bound Over, p. 210).

Blanke slaven die naar de koloniën werden vervoerd, leden in de 17e en 18e eeuw een duizelingwekkend verlies aan mensenlevens. Tijdens de reis naar Amerika was het gebruikelijk om de blanke slaven de hele reis van negen tot twaalf weken onderdeks te houden. Een blanke slaaf werd opgesloten in een gat van niet meer dan zestien feet lang, vastgeketend met 50 andere mannen aan een plank, met houten hangslot-kragen om hun nek. De wekenlange opsluiting benedendeks in het verstikkende ruim van het schip resulteerde vaak in uitbraken van een besmettelijke ziekte die door de “cargo” van de blanke geketende “vracht” in de ingewanden van het schip veegden.

Schepen die blanke slaven naar Amerika vervoerden, verloren vaak de helft van hun slaven aan de dood. Volgens historicus Sharon V. Salinger “blijkt uit verspreide gegevens dat het sterftecijfer voor [blanke] dienaren op bepaalde momenten gelijk was aan dat voor [zwarte] slaven op de ‘Midden Passage’ en in andere perioden zelfs hoger lag dan het sterftecijfer voor [zwarte] slaven”. Salinger meldt een sterftecijfer van tien tot twintig procent over de hele 18e eeuw voor zwarte slaven aan boord van schepen die op weg waren naar Amerika, vergeleken met een sterftecijfer van 25 procent voor blanke slaven die op weg waren naar Amerika.

Foster R. Dulles schrijft in ‘Labor in America’: “De geschiedenis wijst uit dat veroordeelden, ‘energieke’ kinderen van het platteland of politieke gevangenen, blanke slaven ongemakken en lijden ondervonden tijdens hun reis over de Atlantische Oceaan die parallel liep aan de wrede ontberingen ondergaan door negerslaven op de beruchte Midden Passage”.

Dulles zegt dat de blanken “zonder onderscheid aan boord van de ‘white Guineamen’ werden gejaagd, vaak maar liefst 300 passagiers op kleine schepen van niet meer dan 200 ton last – overvol, onhygiënisch… Het sterftecijfer was soms zo hoog als 50% en jonge kinderen overleefde zelden de gruwelen van een reis die zeven tot twaalf weken zou duren”.

Onafhankelijk onderzoeker A.B. Ellis schrijft in de Argosy over het vervoer van blanke slaven:

De menselijke lading, waarvan velen nog gekweld werden door niet genezen wonden, kon niet allemaal tegelijk gaan liggen zonder op elkaar te gaan liggen. Ze werden nooit op het dek gelaten. Het luik werd voortdurend bewaakt door schildwachten, gewapend met piketten en donderbussen. In de kerkers beneden was alles duisternis, stank, klaagzang, ziekte en dood.

Marcus Jernegan beschrijft de hebzucht van de scheepskapiteins die leidde tot een afschuwelijk verlies van levens voor de naar Amerika getransporteerde blanke slaven:

De overtochten herhaalden vaak de verschrikkingen van de beruchte ‘Midden Passage’ van de slavernij vermaardheid. Een gemiddelde lading was driehonderd, maar de schipper zou voor meer winst soms wel zeshonderd in een klein schip prangen. … De sterfte onder dergelijke omstandigheden was enorm, soms meer dan de helft… Mittelberger (een ooggetuige) zegt dat hij zag hoe tweeëndertig kinderen tijdens één reis in de oceaan werden gegooid.

De handelsfirma’s, als importeur van (blanke) bedienden’ waren niet al te voorzichtig met hun behandeling, omdat het belangrijkste doel van de transactie was om schepen naar South Carolina te krijgen die lokale producten terug naar Europa konden brengen. Bijgevolg hebben de Ieren, net als de anderen, veel geleden.

Het was bijna alsof de Britse kooplieden hun schepen van de Afrikaanse kust naar de Ierse kust hadden omgeleid, met de blanke bedienden die op dezelfde manier overkwamen als de Afrikaanse slaven, (Warren B. Smith, White Servitude in Colonial South Carolina).

Een onderzoek naar de midden passage van blanke slaven werd opgenomen in een parlementaire petitie van 1659. Daarin werd gemeld dat de blanke slaven twee weken onderdeks werden opgesloten terwijl het slavenschip nog in de haven lag. Eenmaal onderweg werden ze “helemaal onder dek opgesloten… tussen de paarden”. Ze waren geketend van hun benen tot aan hun nek.

De academici die volhouden dat slavernij een uitsluitend zwarte raciale toestand is, vergeten of laten bewust weg dat het woord slaaf oorspronkelijk een verwijzing was naar blanken van Oost-Europese afkomst – ‘Slaven’.

Bovendien heeft de Industriële Revolutie in de 18e eeuw in Groot-Brittannië en Amerika het fabriekssysteem doen ontstaan waarvan de eerste arbeiders kinderen zo als jong als zesjarige leeftijd, die jammerlijk onderdrukt werden. Ze werden zestien uur per dag opgesloten in de fabrieken en gemangeld door de primitieve machines. Handen en armen werden regelmatig aan stukken gescheurd. Kleine meisjes hadden vaak hun haar in de machines gevangen en werden van hun voorhoofd tot achter in hun nek gescalpeerd.

Blanke kinderen die gewond en kreupel waren geraakt in de fabrieken, werden zonder enige vorm van compensatie afgeschreven en bleven achter om te sterven aan hun verwondingen. Kinderen die te laat op het werk kwamen of in slaap vielen, werden met ijzeren staven in elkaar geslagen. Als we ons voorstellen dat deze verschrikkingen zich beperkten tot de beginjaren van de Industriële Revolutie, dan waren acht en tien jaar oude blanke kinderen in heel Amerika in 1920 nog steeds hard aan het werk in ellendige fabrieken en mijnen.

Vanwege de rangorde van de prostitutie, de domheid en de lafheid van de Amerikaanse leraren en het onderwijssysteem, wordt de blanke jeugd geleerd dat zwarte slaven, Mexicaanse peons en Chinese koelies dit land hebben opgebouwd, terwijl de overgrote meerderheid van de blanken met een zweep in de ene hand en een glas Mint Julep in de andere over hen heen stonden.

De geschiedenisverslagen vertellen echter een heel ander verhaal. Toen het blanke congreslid David Wilmot de Wilmot Proviso schreef om zwarte slaven uit het Amerikaanse Westen te houden, deed hij dat, zei hij, om die enorme uitgestrektheid van het grondgebied te bewaren voor “de zonen van zwoegen, mijn eigen ras en kleur”.

Dit is precies wat de meeste blanken in Amerika waren, “zonen van zwoegen”, die ruggengraat-arbeid verrichtten zoals weinigen van ons zich vandaag de dag kunnen voorstellen. Ze hadden geen paternalistisch welvaartssysteem; geen Freedman’s Bureau om zoete platitudes voor hen te koeren; geen leger van bloedende harten om zich zorgen te maken over hun ontberingen. Deze blanken waren de vervangbare frontlijn soldaten in in de uitbreiding van de Amerikaanse frontier. Ze wonnen het land, velden de bomen, rooiden en plantten het land.

De rijke, hoogopgeleide blanke elite in Amerika zijn de zieke erfgenamen van wat Charles Dickens in ‘Bleak House’ “telescopische filantropie” noemde – de zorg voor de toestand van verre volkeren terwijl de benarde situatie in de eigen achtertuin wordt genegeerd. Vandaag de dag zijn veel van wat we zien op ‘Turner Television’ en Pat Robertson’s misnoemde ‘Family Channel’, tv-films die Zwarten in kettingen afbeelden, Zwarten die worden geslagen, Zwarten die worden onderdrukt. Nergens kunnen we een filmische kroniek vinden van de blanken die geslagen en gedood werden in de blanke slavernij. Vier vijfde van de blanke slaven die naar de Britse suikerkolonies in West-Indië werden gestuurd, overleefden hun eerste jaar niet.

Soldaten in de Amerikaanse Revolutie en zeelieden die in de Amerikaanse marine werden geduwd, kregen tot tweehonderd zweepslagen voor kleine overtredingen. Maar geen enkele tv-show tilt het hemd van deze blanke bootsman op om de littekens op hun rug te onthullen.

Het establishment huilt liever over de arme vervolgde negers, maar laat het aan de blanke arbeidersklasse “rednecks” en “crackers” over (beide termen van spot werden eerst toegepast op blanke slaven), om naast de Zwarten te gaan wonen.

Er is weinig veranderd sinds het begin van de jaren 1800, toen de mannen van het Engelse parlement de zwarte slavernij in het hele rijk verboden. Terwijl dit parlement in zitting was om deze wet uit te vaardigen, werden vijf jaar oude blanke weesjongens, mishandeld, uitgehongerd en geslagen, gedwongen om de schoorstenen van het Engelse parlement schoon te maken. Soms stortte het schoorsteenmetselwerk op deze jongens in. Andere keren verstikten ze dood in hun smalle rookkanalen.

Lang nadat de Zwarten in het hele Britse Rijk vrij waren, weigerde het Britse Hogerhuis het schoorsteenvegen door blanke kinderen onder de tien jaar af te schaffen. De Lords beweerden dat dit in strijd zou zijn met de “eigendomsrechten”. Het leven van de blanke kinderen was geen farthing waard en werd niet beschouwd als een onderwerp van humanitaire zorg.

De kroniek van de blanke slavernij in Amerika bevat de stoffigste plank in de donkerste hoek van de onderdrukte Amerikaanse geschiedenis. Mocht de waarheid over dat tijdperk ooit opduiken in het publieke bewustzijn van de Amerikanen, dan zal de hele basis voor de zwendel van “positieve discriminatie”, “oog voor minderheden” en voorgestelde “reparaties aan Afro-Amerikanen” worden weggevaagd. Het feit is dat de blanke werkende mensen van dit land niemand iets verschuldigd zijn. Zij zijn zelf de nakomelingen, zoals congreslid Wilmot zo treffend zei, van “de zonen van zwoegen”.

Er zal alleen maar sprake zijn van rassenvrede wanneer kennis van radicale historische waarheden wijdverspreid is en beide partijen onderhandelen vanuit sterke posities en niet vanuit fantasieën over de schuld van de blanke arbeidersklasse en het unieke karakter van het zwarte lijden.

Laat het gezegd zijn, in veel gevallen hadden Zwarten in slavernij het beter dan arme blanken in het antebellum [voor de Amerikaanse burgeroorlog] Zuiden. Daarom was er zo’n sterke weerstand tegen de Confederatie in de armoedige gebieden in het bergachtige Zuiden , zoals Winston County in Alabama en de Beech mountains in Noord-Carolina. Die arme blanken konden zich niet voorstellen waarom een blanke arbeider zou willen sterven voor de slavenhoudende plutocratie die vaker wel dan niet betere zorg en aandacht schonk aan hun zwarte dienaren dan aan de vrije blanke arbeid die ze als ‘trash’ [vuilnis] minachtten.

Tot op de dag van vandaag vernedert de heersende blanke klasse de blanke armen en betuttelt ze de Zwarten.

Als dit bewonderenswaardig lijkt vanuit het pathologische oogpunt van het marxisme of het kosmopolitische liberalisme, dan zouden de zwarte en Derde Wereld “begunstigden” van de blanke heersende klasse “voorzichtigheid” moeten overwegen wat voor “vrienden” ze eigenlijk hebben.

De Bijbel verklaart dat de man die niet voor zijn eigen familie zorgt “erger is dan een ongelovige”. Dit geldt ook voor iemands raciale verwantschap. De man die zijn eigen kinderen verwaarloost om voor anderen te zorgen, heeft geen van beide echt lief.

Blanke, zelf hatende liberalen en hebzuchtige conservatieven die beweren te zorgen voor de “burgerrechten” van de zwarte en derde wereld mensen, gooien de arbeidersklasse van hun eigen volk weg op de vuilnisbelt van de geschiedenis. Als ze klaar zijn met hun eigen volk, zullen ze zich zeker tegen anderen keren.

Degenen die eerst voor hun eigen soort (kind) zorgen, beoefenen geen “haat” maar vriendelijkheid (kindness), wat de eigenlijke wortel van het woord is.

Blanke slaven bouwden Amerika

4 REACTIES

  1. Jammer dat het taalkundig dramatisch is. Was na 2 alinea’s al afgeleid.
    Eerst een cursus Nederlands en dan nog een keer proberen

    • Erik mulder (met een kleine letter m ?) Heb je verder niets te zeggen….? Wat doe jij onaardig… en dan zeg ik t netjes….

      Mijn complimenten voor het artikel. Veel geleerd!😀

  2. Sinds wanneer schrijf je ‘zwarten’ met een hoofdletter? ‘Afrikaanse slaven’, is beter.
    Het grappige is dat er ook veel contact was met bijv. de Ierse slaven. Veel bekende Afrikaans Amerikaanse activisten hebben Ierse voorouders.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here