Foto Credit: Egon-w-kreutzer.de

Wie de tak afzaagt waarop hij zit, zal — afhankelijk van de valhoogte — schade oplopen die kan variëren van een kneuzing tot een botbreuk of zelfs de dood. De doodsdrift van de bestuursorganen van de EU, de Commissie en de Raad lijkt inmiddels nog slechts de richting te bepalen waarin 450 miljoen burgers van de lidstaten worden gedreven.

Het is blijkbaar niet genoeg om de voor de EU winstgevende politieke en economische betrekkingen met Rusland te hebben verbroken. Het is blijkbaar niet genoeg om honderden miljarden aan belastinggeld te verspillen aan de oorlog van Oekraïne tegen Rusland. Het is ook nog niet genoeg om een absoluut ongunstige douaneovereenkomst met de VS te hebben gesloten – nu moet ook nog met alle resterende kracht de relatie met China worden geruïneerd, schrijft Egon W. Kreutzer.

Ter inleiding voeg ik hier een fragment toe uit “EWK – Zur Lage“ – uitgave mei 2026. Daarin heb ik de momenteel ernstigste internationale conflicten belicht, met op de derde plaats de oorlog van de EU tegen China.

3. Economische oorlog tegen China

De EU, die in navolging van de VS haar eigen industriële basis ruïneert en door uit de hand gelopen bureaucratie, de Green Deal en stijgende energiekosten, evenals een gigantisch overheidsaandeel (EU-gemiddelde rond 49,2 %, Finland en Frankrijk elk > 57 %, Duitsland 48% – China: 33%) het concurrentievermogen ten opzichte van China zowel op de EU-markt als op de wereldmarkt massaal aantast, wil China nu straffen voor de gevolgen van haar eigen wanbeleid.

Om dat met de overheidsquote goed te interpreteren:

Wanneer een product door een Chinees bedrijf en door een bedrijf uit de EU voor 100 euro op de wereldmarkt wordt aangeboden, blijft er in China daarvan 67 euro over om de kosten te dekken en winst te maken, terwijl het bedrijf uit de EU slechts 50,80 euro overhoudt. Zelfs als beide tegen dezelfde kosten zouden produceren — laten we hier bijvoorbeeld uitgaan van 45 euro — dan zou de winst van het Chinese bedrijf (22 euro) vier keer zo hoog zijn als die van het Europese bedrijf (5,80 euro). Daar komen vervolgens nog de voordelen voor de Chinezen bij door een verstandiger energiebeleid en lagere energiekosten, evenals door het lagere Chinese loonniveau.

Daarvoor moeten de Chinezen nu, naar het voorbeeld van Donald Trump, boeten met strafheffingen. De ideeën hierover zijn door German Foreign Policy op een rijtje gezet.

Op pagina 7 van dit dossier heb ik geformuleerd:

Het moet voor iedereen te allen tijde vrij blijven om te bepalen met wie hij handel drijft en met wie niet, wie hij met strafheffingen belast en wie niet.

Dat betekent echter niet dat het beperken van de handel, zoals dat onder andere met invoerheffingen wordt bewerkstelligd, in alle gevallen een goed idee is.

Als de EU tegenover China een handels- en invoerheffingsbeleid in de stijl van Donald Trump wil voeren, beschouw ik dat als een ronduit idioot idee.

Ten eerste zie ik in de EU niemand die ook maar enigszins in de buurt komt van het onderhandelingstalent van een Donald Trump. Trump stelt keiharde, onhoudbare eisen – en komt daar de volgende dag weer op terug, zonder zich zorgen te maken dat hij gezichtsverlies lijdt. Trump speelt het spel, hij speelt zijn superioriteit uit en hij gokt totdat de deal rond is. Maar hij deinst er ook niet voor terug om de zojuist gesloten deal de volgende dag weer in te trekken. Trump als persoon is geladen met de volledige militaire, economische en geostrategische macht van de VS. Trump kan zich dat veroorloven.

Ten tweede zijn invoerheffingen altijd een daad van isolatie. Wanneer een sector onder druk staat, maar om redenen van nationale veiligheid en zelfvoorziening op de binnenlandse markt in stand moet worden gehouden, kan het afweren van buitenlandse concurrentie door middel van strafheffingen helpen om dit doel te bereiken. Maar als deze sector zelf afhankelijk is van export, omdat hij zonder export niet de capaciteitsbenutting bereikt die nodig is om de vaste kosten te dekken, zoals bijvoorbeeld bij de Europese auto-industrie, dan leiden de heffingen alleen tot herstel en behoud van deze sector als zijn afzetmarkten niet eveneens door heffingen worden afgeschermd.

Ten derde wordt de markt voor consumptiegoederen in de EU in zeer hoge mate overspoeld met Chinese goederen. Alleen omdat de Chinese import zo ongekend goedkoop is, is het mogelijk om de lonen, salarissen en pensioenen in de EU op dat lage niveau te houden dat het überhaupt nog mogelijk maakt om internationaal concurrerend mee te spelen.

Ten vierde spelen natuurlijk ook die Chinese specialiteiten, zoals de zeldzame aardmetalen, een belangrijke rol in de handelsoorlog. China kan als tegenmaatregel de export naar de EU stopzetten, beperken of door middel van uitvoerheffingen enorm duurder maken. Hoe zou u het dan willen?

Mevrouw Katherina Reiche, de minister met de grootste vakkennis in haar departement van het hele kabinet-Merz, heeft toen ook laten zien hoe groot de grootste kracht van de EU, namelijk haar eensgezindheid, werkelijk is, toen ze onlangs speciaal naar China vloog om met de boodschap “samenwerking in plaats van confrontatie” alvast een beetje de lucht te klaren, voordat de EU-douanehamer neerkomt.

Nu heeft Dr. Peter F. Mayer op tkp nadrukkelijk de aandacht gevestigd op een nieuw plan van de EU.

  China's Y-20 transporter bracht voor het eerst "dodelijke" wapens naar Moskou en duizenden NAVO-troepen aan de grens met Wit-Rusland verergeren de spanningen

Citaat:

De Europese Commissie werkt in alle stilte aan een nieuw handelsinstrument dat de afscherming ten opzichte van China naar een nieuw niveau moet tillen.

Het zogenaamde “Overcapacity Instrument” moet de EU in staat stellen hele sectoren van Chinese import te blokkeren – niet omdat ze gesubsidieerd zijn, maar omdat ze te concurrerend en te goedkoop zijn. Arnaud Bertrand vat het treffend samen: hoe goedkoper en beter de Chinese producten, hoe illegaler ze in Europa moeten worden. In een artikel op X bekritiseert Bertrand, EU-kenner en China-expert, het vrijwel volledige gebrek aan publiek debat over dit onderwerp. Terwijl dit instrument de prijzen van van alles – van zonnepanelen en elektrische auto’s tot consumptiegoederen – enorm zal opdrijven, zwijgen de meeste media. De burgers blijven in het ongewisse.

Het gelinkte artikel is absoluut het lezen waard.

Ik wil echter nog dat aspect aanvullen dat ik hierboven, in het gele kader, al kort heb aangestipt. Het probleem om Chinese goederen in de Duitse detailhandel te vervangen door goederen van EU-oorsprong, zonder de welvaart van de EU-burgers massaal te verminderen.

Men moet de omvang ervan in ogenschouw nemen om de ramp te beseffen.

De EU heeft in 2025 voor 559 miljard euro aan goederen uit China geïmporteerd. Daarvan was 170,6 miljard voor rekening van Duitsland. Dit is de importwaarde. Niet de eindprijs in de Duitse detailhandel.

De invloed op Duitsland splitst zich in twee stromen, namelijk in toeleveringen voor de verwerkende industrie enerzijds en leveringen voor particuliere consumptie anderzijds. Bij gebrek aan betere cijfers schat ik dat deze twee stromen elk de helft van de Chinese importen voor hun rekening nemen.

  EU-burgers zullen met hun welvaart betalen voor het naderende "tijdperk van bewapening"

Importen uit China voor de Duitse consumptie

Met een geschatte Chinese import van 85 miljard komen we uit op ruim 1.000 euro per inwoner per jaar. Een blik op het aanbod van TEMU of Alibaba laat zien dat de prijzen die bij directe verzending aan Duitse klanten worden aangeboden, in sommige gevallen slechts tot 10 procent bedragen van wat de Duitse detailhandel voor dit uit China geïmporteerde product wil incasseren, maar zelden meer dan 50 procent daarvan.

Omgerekend naar verkoopprijzen voor eindklanten, worden die 1.000 euro aan importgoederen per inwoner dus al snel 2.500 tot 3.000 euro aan de kassa. Dat is wat de Duitsers in 2025 gemiddeld per persoon (van baby tot de oudste bewooner van een bejaardentehuis) aan Chinese consumentenproducten hebben uitgegeven. Die koopkracht was er (nog).

Om heel aantoonbare redenen is geen enkel Duits bedrijf in staat om de Chinese concurrentie op het gebied van kosten te onderbieden.

  • Er is een aanzienlijk verschil in personeelskosten tussen Duitsland en China. De laagverdiener in China ontvangt een minimumloon van ongeveer 2 euro per uur (met lichte regionale verschillen), het Duitse minimumloon ligt met 13,90 euro zeven keer zo hoog.
  • Er is een aanzienlijk verschil in energiekosten tussen Duitsland en China. Een kilowattuur industriële stroom kost in China 8 tot 9 eurocent, terwijl de Duitse, gereduceerde industriële stroomprijs – die overigens lang niet alle bedrijven krijgen – tussen de 16 en 19 cent per kWh ligt.
  • Er is een aanzienlijk verschil in grondstofkosten tussen Duitsland en China.
  • Er is een aanzienlijk verschil tussen Duitsland en China wat betreft de overheidsquote. In Duitsland eist de staat 48 procent van de opbrengsten op als belastingen, heffingen en premies, in China slechts 33 procent.
  • Er is een aanzienlijk verschil tussen Duitsland en China wat betreft de regelgevingsdichtheid en de bureaucratische rompslomp.

Natuurlijk spelen deze vijf factoren van product tot product en van branche tot branche verschillend in, maar grofweg geschat liggen de productiekosten van een willekeurig product in China waarschijnlijk op ongeveer 40 procent van de Duitse productiekosten. Duitsland kan hier door automatisering en hogere productiviteit nog een paar procentpunten goedmaken, maar het is waarschijnlijk niet al te verkeerd om ervan uit te gaan dat de productiekosten in Duitsland gemiddeld 200 procent van de Chinese exportprijzen bedragen.

  Hoe Biden de wereld liet zien dat de VS en de NAVO papieren tijgers zijn

Ervan uitgaande dat het verschil tussen de Duitse fabrieksprijs en de Duitse winkelprijs even groot is als dat tussen de Chinese exportprijs en de Duitse winkelprijs, zouden de Duitse consumenten voor dezelfde goederen in plaats van de huidige 2.500 tot 3.000 euro in de toekomst 5.000 tot 6.000 euro per jaar moeten uitgeven.

Om dit mogelijk te maken, zouden de lonen moeten worden verhoogd. Maar omdat slechts ongeveer de helft van de inwoners van Duitsland werkt, moeten de lonen van de werkenden niet met 2.500 tot 3.000, maar met 5.000 tot 6.000 euro worden verhoogd, en dit netto. Bruto met 7.000 tot 8.000 euro. Daarmee komen we uit op een gemiddelde loonsverhoging van ongeveer 15 procent – en die is simpelweg niet op te brengen – zeker niet gezien de huidige desolate toestand van de economie. Voor de gehele economie zou dat namelijk neerkomen op extra arbeidskosten van ongeveer 300 miljard euro.

Import uit China voor verdere verwerking in industrie en ambacht

Het lijdt geen twijfel dat hier bij vervanging van Chinese producten door Duitse producten eveneens ongeveer 85 miljard euro aan extra kosten zou ontstaan. Delen van de daaruit/daarmee vervaardigde eindproducten gaan naar de Duitse export en verzwakken daarmee het concurrentievermogen op de wereldmarkt; de rest moet tegen hogere kosten op de binnenlandse markt worden verkocht, waarbij ook hiervoor verdere, extra loonsverhogingen nodig zouden zijn om de goederen te kunnen verkopen.

Conclusie

De Duitse detailhandel kan gerust zijn verkoopoppervlakte halveren, wil het er in de winkels niet binnenkort uitzien zoals in de HO-winkels van de DDR, waar de meeste tijd veel producten simpelweg niet werden aangeboden. Om zelf concurrerend te blijven, heeft Duitsland zich in zodanige mate ingelaten met goedkope import uit China en daarbij hele eigen sectoren ten onder laten gaan, dat men zich dit echt moet realiseren om de gevolgen te kunnen inschatten.

Dit kan niet zomaar via een EU-verordening worden teruggedraaid. Dat zou de basis van het Duitse bedrijfsmodel vernietigen.

De gevolgen zullen ergens liggen tussen een pijnlijk merkbare vermindering van het goederenaanbod en een enorme prijsstijging in de detailhandel.

Dit volgt het WEF-motto: jullie zullen niets bezitten – ofwel omdat er niets is, ofwel omdat jullie het je niet kunnen veroorloven – en (hahaha!) gelukkig zijn.


Vind je het belangrijk dat er nog onafhankelijke berichtgeving bestaat die niet wordt gestuurd door grote belangen? Met jouw steun kunnen we blijven schrijven en onderzoeken. Klik hieronder en draag bij aan het voortbestaan van Frontnieuws.


Copyright © 2026 vertaling door Frontnieuws. Toestemming tot gehele of gedeeltelijke herdruk wordt graag verleend, mits volledige creditering en een directe link worden gegeven.

Waarom Europa steeds weer verliest


Volg Frontnieuws op 𝕏 Volg Frontnieuws op Telegram

Lees meer over:

Vorig artikelHet kan echt eng worden. Waarom treffen we geen voorbereidingen?
Volgend artikelEen andere manier om de twee grootste economieën ter wereld te vergelijken
Frontnieuws
Mijn lichaam is geen eigendom van de staat. Ik heb de uitsluitende en exclusieve autonomie over mijn lichaam en geen enkele politicus, ambtenaar of arts heeft het wettelijke of morele recht om mij te dwingen een niet-gelicentieerd, experimenteel vaccin of enige andere medische behandeling of procedure te ondergaan zonder mijn specifieke en geïnformeerde toestemming. De beslissing is aan mij en aan mij alleen en ik zal mij niet onderwerpen aan chantage door de overheid of emotionele manipulatie door de media, zogenaamde celebrity influencers of politici.

2 REACTIES

  1. citaat :
    “De gevolgen zullen ergens liggen tussen een pijnlijk merkbare vermindering van het goederenaanbod en een enorme prijsstijging in de detailhandel.”

    Dat is voor de noodzakelijke goederen wellicht zo.
    Maar voor de niet noodzakelijke zal er ook een vermindering komen van de afname van deze goederen, enerzijds omdat mensen ze niet meer kunnen betalen en anderzijds omdat mensen de goederen niet willen betalen.
    En het zat zijn om de bonussen van systeemprofiteurs te spekken.

    En dat zou een hele goede ontwikkeling voor de planeet zijn.
    Enerzijds op menselijk gebied (signaalwerking) en anderzijds op milieutechnisch gebied.

  2. De EU poppetjes worden meer gedreven door hun EGO dan door hun kennis.
    De klachten over de hoge prijzen in de detailhandel worden geprojecteerd op de ondernemers.
    De grootste boosdoeners zijn de overheden die zoveel mogelijk geld naar binnen schrapen bij ondernemers en burgers.
    Een veel geld daarvan wordt uitgegeven aan zaken die de burgers niets opleveren.
    Bureaucratie kost bakken met geld.
    Oorlog idem.
    Het energie beleid.
    Milieu beleid.
    De meest bizarre belastingen.
    Mede schuldigen zijn echter ook de hebzuchtige burgers die zich prettig voelen in een consumptie maatschappij. Ondanks het geblaat over ‘ duurzaamheid ‘.
    Repareren? Dat kost teveel.
    De kennis daarvoor? ( de meesten willen een kantoorbaantje )

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in