Een opmerkelijk artikel in de Washington Post van 15 augustus laat zien hoe diep de breuk tussen Washington en zijn belangrijkste bondgenoten in de Perzische Golf inmiddels is. Onder verwijzing naar Arabische en westerse regeringsvertegenwoordigers meldt de krant dat Saoedi-Arabië, de Verenigde Arabische Emiraten, Qatar, Koeweit en Bahrein inmiddels verenigd zijn in hun groeiende ergernis over de regering-Trump. Sommige van deze staten discussiëren volgens het artikel zelfs over het nut van het huisvesten van grote Amerikaanse militaire bases op hun grondgebied.
De uitspraak van een functionaris uit de Golfregio vat de stemming treffend samen:
“Trump is deze oorlog begonnen, en wij betalen de prijs.”
Volgens de functionaris is de woede jegens Washington inmiddels op het hoogste niveau sinds het begin van de Amerikaans-Israëlische aanvallen op Iran in februari. Wat zich hier aftekent, zou wel eens veel meer kunnen zijn dan een tijdelijke diplomatieke onenigheid. Decennialang was de Amerikaanse orde in de Perzische Golf gebaseerd op een eenvoudige belofte: de Golfmonarchieën stellen grondgebied, militaire bases, politieke steun en economische banden ter beschikking – Washington garandeert in ruil daarvoor hun veiligheid, schrijft Uncutnews.
Maar juist deze belofte wordt nu in twijfel getrokken.
Van beschermingsschild tot veiligheidsrisico?
De centrale vraag in Riyad, Abu Dhabi, Doha, Koeweit en Manama luidt blijkbaar steeds vaker: Maken de VS ons nog veiliger – of slepen ze ons mee in een oorlog waarvan wij de gevolgen moeten dragen?
Anna Jacobs van het Arab Gulf States Institute beschrijft tegenover de Washington Post een duidelijk verlies aan vertrouwen. De Amerikaanse bondgenoten zouden steeds meer de indruk krijgen dat het gedrag van de VS in de regio hen “minder veilig, niet veiliger” maakt. Midden-Oostenexpert Firas Maksad zegt dat de Golfstaten zich “onnodig” in een oorlog betrokken voelen, die Trump nu maar moeilijk weer kan beëindigen. Zijn Iran-beleid wordt in de regio als “grillig” en “onvoorspelbaar” ervaren.
Dat is een opmerkelijke ontwikkeling.
De massale Amerikaanse militaire aanwezigheid in de Golf werd namelijk decennialang juist met het tegenovergestelde argument gerechtvaardigd: ze moest stabiliteit garanderen, tegenstanders afschrikken en de Golfmonarchieën beschermen. Nu beginnen juist deze staten zich af te vragen of de Amerikaanse aanwezigheid hen niet juist tot doelwit maakt.
Een westerse diplomaat verklaarde opmerkelijk openhartig tegenover de krant dat Amerikaanse troepen al vóór de oorlog geenszins enthousiast waren ontvangen. Men beschouwde ze eerder als een “noodzakelijk kwaad”.
Nu wordt zelfs de noodzaak van dit kwaad in twijfel getrokken.
Trump dreigt – en trekt zich weer terug
Een belangrijke reden voor de groeiende nervositeit is volgens de Washington Post het wisselvallige Iran-beleid van Trump.
De Amerikaanse president dreigde Teheran de afgelopen weken herhaaldelijk met nieuwe aanvallen, trok deze dreigementen vervolgens echter weer in en wees op vooruitgang bij de onderhandelingen. Voor de Golfstaten betekent dit heen en weer geslinger een enorm risico. Ze liggen niet duizenden kilometers verwijderd van het oorlogstoneel. Ze bevinden zich er direct naast.
Iraanse raketten en drones kunnen hun energiecentrales, havens, militaire bases en kritieke infrastructuur bereiken. Tegelijkertijd bevinden zich op hun grondgebied centrale faciliteiten van de Amerikaanse strijdkrachten.
Daardoor zouden juist die Amerikaanse bases, die decennialang als levensverzekering voor de Golfmonarchieën golden, in een escalerende oorlog magneten voor Iraanse aanvallen kunnen worden.
De Amerikaanse veiligheidsgarantie laat zijn grenzen zien
Daarnaast is er een probleem dat niet met diplomatieke verklaringen kan worden opgelost: de militaire middelen van de VS zijn niet onbeperkt.
De Washington Post berichtte begin augustus afzonderlijk over tekorten aan Amerikaanse marinedestroyers, die nodig zijn voor de afweer van Iraanse ballistische raketten. Een Amerikaanse generaal waarschuwde het Pentagon volgens het bericht dat er onvoldoende troepen beschikbaar waren om alle beschermingstaken tegelijkertijd te kunnen vervullen. Voor de Golfstaten is dat een strategisch ongemakkelijke constatering.
Wat gebeurt er als Iran tegelijkertijd Amerikaanse installaties, Israël en infrastructuur in de Golf aanvalt? Wie wordt dan als eerste beschermd? Israël? Amerikaanse troepen? Saoedi-Arabië? Qatar? Koeweit?
Een veiligheidsbelofte is slechts zoveel waard als de militaire middelen waarmee deze in geval van nood kan worden nagekomen.
De oorlog met Iran heeft de situatie veranderd
Vooral Saoedi-Arabië staat inmiddels onder enorme druk. Volgens de Washington Post wordt het koninkrijk niet alleen geconfronteerd met aanvallen vanuit Iran en van met Teheran gelieerde krachten in Irak, maar tegelijkertijd ook met de Houthi’s in Jemen.
Daarnaast speelt de strategische ligging van de zeeroutes een rol.
Sinds Iran de Straat van Hormuz heeft afgesloten, is Saoedi-Arabië in toenemende mate aangewezen op zijn havens aan de Rode Zee om olie op de wereldmarkt te brengen. Tegelijkertijd vallen de Houthi’s de Saoedische energie-infrastructuur aan en proberen ze het Saoedische scheepvaartverkeer bij Bab al-Mandab onder druk te zetten.
Daardoor bevindt Riyad zich plotseling tussen twee strategische knelpunten. In het oosten Hormuz. In het westen Bab al-Mandab.
Wat decennialang leek op een door de Amerikanen gewaarborgde energiearchitectuur, is binnen enkele maanden veranderd in een strategische kwetsbaarheid.
Aanvankelijk hoopte men blijkbaar nog op een snelle overwinning
Een ander detail uit het rapport is bijzonder veelzeggend.
Saoedi-Arabië, de Verenigde Arabische Emiraten en Bahrein stonden aanvankelijk geenszins eensgezind afwijzend tegenover de oorlog. Volgens een hooggeplaatste Europese functionaris hoopten Riyad en Abu Dhabi blijkbaar dat een snelle en beslissende overwinning op Iran in hun voordeel zou kunnen werken.
Maar juist die overwinning bleef uit. Het Iraanse systeem stortte niet in. En Teheran opende de Straat van Hormuz niet opnieuw. Daarmee veranderde de afweging.
Wat een zogenaamd korte oorlog met mogelijk strategisch voordeel had moeten worden, veranderde in een langdurig conflict waarvan de economische en militaire kosten in toenemende mate bij de directe buurlanden van Iran terechtkomen.
“Het MoU was een grap“
Ook Trumps diplomatieke uitweg lijkt niet te overtuigen.
Bader Al-Saif van de Universiteit van Koeweit noemde het in juni tussen Washington en Teheran overeengekomen memorandum van overeenstemming tegenover de Washington Post zonder omwegen:
“een grap“.
Vanuit het perspectief van de Golfstaten zou de overeenkomst onvoldoende rekening hebben gehouden met cruciale veiligheidskwesties – waaronder het arsenaal aan ballistische raketten van Iran en de steun van Teheran aan gelieerde gewapende groeperingen in de regio.
Daarmee zit Washington in een dilemma. De oorlog levert geen duidelijke overwinning op. Een verdere escalatie vergroot de risico’s voor de Amerikaanse bondgenoten. En de diplomatie levert tot nu toe geen akkoord op waarin deze bondgenoten vertrouwen hebben.
Mekka was mogelijk de waarschuwing aan Washington
Tegen deze achtergrond krijgt het nieuwe defensieakkoord tussen Saoedi-Arabië, Turkije en Pakistan een heel andere betekenis.
Een hooggeplaatste Europese functionaris omschreef het pact tegenover de Washington Post uitdrukkelijk als “een signaal aan de VS“.
De drie machtige soennitische staten probeerden hun veiligheids- en defensiepartnerschappen te diversifiëren.
De doorslaggevende uitspraak van de functionaris:
”In hun ogen volstaan de VS niet.”
Dat is mogelijk de belangrijkste zin van het hele verslag.
Want al decennia lang is de Amerikaanse hegemonie in de Golf juist gebaseerd op het feit dat er voor de monarchieën daar geen realistisch alternatief voor Washington bestaat.
Nu beginnen ze in ieder geval ernaar te zoeken. Pakistan brengt militaire diepte en nucleaire afschrikking mee. Turkije beschikt over een groot conventioneel leger en een belangrijke wapenindustrie. Saoedi-Arabië beschikt over kapitaal, energie en politieke invloed.
Deze constellatie vervangt het Amerikaanse veiligheidsschild nog lang niet. Maar het laat zien dat Riyad blijkbaar niet langer bereid is zijn gehele strategische toekomst uitsluitend op Washington te zetten.
Het eigenlijke Amerikaanse dilemma
Ondanks alle woede kunnen de Golfstaten zich op korte termijn niet zomaar losmaken van de Verenigde Staten.
Hun strijdkrachten zijn deels diep verweven met Amerikaanse wapensystemen, munitie, inlichtingen en militaire infrastructuur.
Een functionaris uit de Golfregio gaf tegenover de Washington Post precies dit probleem toe:
“Wat we ook doen, we kunnen geen ‘nee’ zeggen tegen de Verenigde Staten.”
Juist daarin schuilt echter de ironie van de huidige situatie.
De Golfstaten zijn boos op Washington omdat ze zich door Amerikaanse beslissingen in een oorlog betrokken voelen – en tegelijkertijd hebben ze Washington nodig om zich tegen de gevolgen van die oorlog te beschermen. De voormalige Amerikaanse ambassadeur Douglas Silliman beschrijft deze situatie als een merkwaardige tegenstrijdigheid: men is boos op de Verenigde Staten omdat zij de oorlog zijn begonnen, en tegelijkertijd afhankelijk van hen als het gaat om uitrusting, munitie en inlichtingen.
Washington zou juist datgene kunnen vernietigen wat het decennialang heeft opgebouwd
Het zou nog overdreven zijn om te spreken van de ineenstorting van de Amerikaanse orde in de Perzische Golf.
De Washington Post benadrukt zelf dat er op korte termijn geen fundamentele herschikking van de regio te verwachten is. De afhankelijkheid van de VS blijft aanzienlijk. Ook de Golfstaten staan geenszins eensgezind aan de kant van Teheran – integendeel, de aanhoudende Iraanse beschietingen zorgen eveneens voor groeiende woede.
Maar strategische verschuivingen beginnen zelden met een spectaculaire breuk.
Ze beginnen met twijfels. Met het zoeken naar alternatieven. Met nieuwe defensieovereenkomsten.
En uiteindelijk met de vraag of Amerikaanse militaire bases daadwerkelijk nog bescherming bieden – of inmiddels zelf een veiligheidsrisico zijn geworden.
Volgens de Washington Post wordt juist deze vraag inmiddels gesteld in de Perzische Golf.
Mocht deze twijfel zich versterken, dan zou de oorlog met Iran voor Washington gevolgen kunnen hebben die veel verder reiken dan Iran zelf: De VS zouden, in een poging hun hegemonie in de regio militair te verdedigen, juist het vertrouwen kunnen verliezen van die staten waarop deze hegemonie al decennia lang berust.
Vind je het belangrijk dat er nog onafhankelijke berichtgeving bestaat die niet wordt gestuurd door grote belangen? Met jouw steun kunnen we blijven schrijven en onderzoeken. Klik hieronder en draag bij aan het voortbestaan van Frontnieuws.

Copyright © 2026 vertaling door Frontnieuws. Toestemming tot gehele of gedeeltelijke herdruk wordt graag verleend, mits volledige creditering en een directe link worden gegeven.
Iran-oorlog: zes maanden later – De verbazingwekkende omvang van de Amerikaanse nederlaag
Volg Frontnieuws op 𝕏 Volg Frontnieuws op Telegram














Het lijkt erop alsof ze wakker worden. De bevolking daar is dat al, nu deze leiders nog. Maar of ze daadwerkelijk wakker worden blijft altijd de vraag en openstaan. Soms is niets wat het lijkt. We zullen zien wat er op termijn gaat veranderen. Als het zionisme maar gesloopt gaat worden!!
Wat opmerkelijk is dat al deze landen gesteund worden/loans door het IMF/VN/ hoofdkantoor Washington en China.
Dus inderdaad niets is wat het lijkt.
Manmanman, wat een titel : Ze twijfelen aan het amerikaans beschermingsschild ?
Twijfel gewoon aan alles van die hebzuchtige hyena”s !
Ze naaien je keer op keer net zolang tot ze je tuk hebben.
vertrouw geen Trump, Rutte, Fink, Merz, van der leyen, Kallas, Zelensky, Netanyahu.
Is dat nu nog niet duidelijk ?
Dat zit bij dit soort mens al generaties in de familie.