In een eerdere post schreef ik over het concept van de Russische filosoof Aleksandr Dugin van een ‘multipolaire wereld’ waarin verschillende culturen vreedzaam naast elkaar kunnen bestaan. Ik heb inmiddels een exemplaar weten te bemachtigen van zijn recente boek over president Donald Trump, getiteld The Trump Revolution – A New Order of Great Powers (Arktos, Londen, 2025). Als deze titel een beetje overdreven klinkt, kan ik je verzekeren dat als je deze verzameling essays, artikelen en interviews met Dugin leest, je al snel zult merken dat dat zeker niet zo is. Ik zal proberen uit te leggen waarom dat zo is.
Om te beginnen, wat bedoelt hij met A New Order of Great Powers (de ondertitel van het boek)? Dit houdt rechtstreeks verband met de betekenis van de titel – The Trump Revolution – in zoverre dat de ‘revolutie’ in kwestie volgens Dugin niet louter een ‘wisseling van de wacht’ in de bestaande wereldorde inhoudt. De herverkiezing van Donald Trump als president van de VS duidt veeleer op iets fundamentelers: een verandering van de wereldorde zelf, van een orde die wordt gedomineerd door een zogenaamd ‘op regels gebaseerd stelsel’ dat is gegrondvest op de overweldigende macht van een hegemonie, namelijk de Verenigde Staten, naar een vermenigvuldiging van ‘machten’, waaronder, maar niet beperkt tot, de VS. Kortom, Dugin ziet Trumps motto ‘Make America Great Again’ als een uiting van een groeiende beweging, aangevoerd door Trump, die zich richt tegen het globalisme van zijn tegenstanders in de linkse Democratische Partij en van de liberale Europese ‘elites’ (gesymboliseerd door de Davos-kliek). In de woorden van Dugin (p. 17):
Het liberalisme – omvergeworpen binnen de VS zelf en in het buitenland steeds meer in diskrediet gebracht – is samen met het internationalisme afgeschaft en vervangen door het principe van ‘America First.’ In de toekomst zullen de Verenigde Staten alleen nog andere grootmachten erkennen – waaronder, volgens Trump, Rusland, China en India. Alle andere landen zijn vrij om te handelen zoals zij dat willen – of dat nu is door beschermheren te zoeken of door nieuwe grootmachten te stichten op basis van hun beschavingsidentiteit.
Gesteund door conservatieve tech-futuristen zoals Elon Musk, is Trump vastbesloten om van de VS de hoeksteen te maken van een heroplevende westerse beschaving, maar dan wel een die fundamenteel gekant is tegen de internationale globalistische orde die voorheen door Amerika werd voorgezet, zoals geïnitieerd door president Woodrow Wilson. In plaats daarvan, zo wijst Dugin erop, sluit Trumps standpunt aan bij de zogenaamde ‘Monroe-doctrine,’ die teruggaat op het standpunt van president James Monroe (in 1823) dat Europese landen de Verenigde Staten moeten respecteren voor zover het westelijk halfrond hun legitieme invloedssfeer is, schrijft gastauteur Bert Oliver.
Dugin (p. 25-37) stelt ‘globalisering’ tegenover ‘ontkoppeling,’ waarbij het eerste verwijst naar de verspreiding van moderne westerse culturele waarden, politieke instellingen, esthetische smaken, technologische ontwikkelingen en ethische normen naar alle niet-westerse samenlevingen, met als resultaat een allesomvattend mondiaal systeem met het westen als middelpunt. Dit is precies het proces dat zich in de loop van ten minste de afgelopen drie tot vier decennia heeft voltrokken (zij het niet in een gelijkmatig tempo), en het is steeds duidelijker geworden dat deze veelgeprezen mondiale orde, ondanks dat zij een ‘liberale’ orde wordt genoemd, politiek geenszins onschuldig of neutraal is. Integendeel, zij heeft alle kenmerken van een (mondiaal) totalitair systeem, met een verwachte omvang die de ambities van Adolf Hitler in de jaren dertig en veertig ver overstijgt.
‘Ontkoppeling’ was daarentegen volgens Dugin merkbaar in het vasthouden van de Russische president Poetin aan de Russische soevereiniteit, ondanks zijn aanvankelijke deelname aan de globalisering. Soevereiniteit druist echter in tegen de globalisering, zoals bleek toen Poetin Rusland op koers zette naar multipolariteit (net als China). De druppel die de emmer deed overlopen voor het Westen was de speciale militaire operatie van Rusland in Oekraïne in 2022, die neerkwam op een beslissende bevestiging van de Russische soevereiniteit en resulteerde in een snelle ontkoppeling van Rusland door het Westen. Volgens Dugin werd hier de volledige betekenis van de ontkoppeling duidelijk: het ging niet alleen om het verbreken van banden, maar ook om het ontstaan van een ‘nieuw operationeel regime’ waarin twee steeds onverenigbaarder wordende systemen voortaan onafhankelijk van elkaar moeten functioneren. Terwijl de westerse landen dit als een ‘straf’ voor Rusland zagen, bood de gedwongen scheiding van het Westen Rusland een kans op autonomie en het doen gelden van volledige geopolitieke soevereiniteit.
Volgens Dugin betekent ontkoppeling van het Westen uiteindelijk dat Rusland moet doorgaan met de fundamentele herwaardering van de verschillen tussen de beschavingskaders die ten grondslag liggen aan deze twee entiteiten, en dat het dit proces moet voltooien. Zoals Dugin het stelt (p. 34): “We moeten de aanspraak van het Westen op universaliteit, globalisme en exceptionalisme verslaan.” Hij wijst er verder op dat een soortgelijk proces zich duidelijk aftekent in zowel China als India. Terugkomend op het initiatief van Donald Trump, “America First,” kan deze ontkoppeling, die volgens Dugin de verwezenlijking van multipolariteit is, niet worden genegeerd als het om Amerika gaat. Trump heeft dit proces versneld en men kan verwachten dat globalisten zullen proberen dit proces te blokkeren, omdat het alles ondermijnt wat zij hebben geprobeerd te bereiken – hoewel het niet zo eenvoudig is, zoals hieronder zal blijken.
Om te begrijpen wat er op het spel staat in de confrontatie tussen wat Dugin de ‘revolutie’ van Trump noemt en de neofascistische globalisten, biedt het hoofdstuk ‘Trumpism as an ideology’ (p. 75-112) een duidelijk overzicht. Dugin legt uit hoe het mogelijk was dat Trump werd herkozen ondanks de macht van de zogeheten (Amerikaanse) ‘Deep State,’ die hij omschrijft als ‘de kern van het regeringsapparaat,’ nauw verbonden met de elites van het land. Deze omvat het onderling verbonden systeem van regering (inclusief bureaucratische functies), onderwijs en bedrijfsleven in de VS, evenals geheime genootschappen en exclusieve clubs waar netwerken plaatsvinden. De Democratische en Republikeinse partijen vertegenwoordigen volgens Dugin geen verschillende ideologische overtuigingen, maar ‘variaties op één enkel politiek-economisch beleid‘, zoals dat concreet vorm krijgt in de ‘Deep State.’ Deze laatste was volgens Dugin de drijvende kracht achter de ‘agenda van wereldheerschappij,‘ die gebaseerd was op de veronderstelling dat de hele wereld het Amerikaanse model van liberalisme had aanvaard. Ondanks de overduidelijke macht die hij uitoefent, werd Trump echter ’toegestaan’ te winnen. Waarom?
Dugin noemt een aantal redenen die verband houden met gebeurtenissen die het aanvankelijke optimisme van de globalisten over het ‘einde van de geschiedenis’ (Francis Fukuyama) in het begin van de jaren 2000 deden wankelen. Deze gebeurtenissen gaven geloofwaardigheid aan de stelling van Samuel Huntington, die die van Fukuyama betwistte, dat er een ‘botsing van beschavingen‘ op komst was. Het ging onder meer om het besluit van president Poetin om de soevereiniteit van Rusland te herstellen en het initiatief van Xi Jinping van China om een onafhankelijke strategie ten aanzien van de globalisering te volgen, die in de eerste plaats China ten goede kwam. De vorming van de BRICS was een belangrijke manifestatie van de opkomst van een multipolaire internationale beweging die relatieve onafhankelijkheid van het Westen nastreefde. Tegelijkertijd probeerde de globalistische orde echter haar controle over de wereldgebeurtenissen te vergroten, maar (waarschijnlijk vanwege de tekenen van verzet tegen haar hegemonie, zoals hierboven vermeld) volgens de interpretatie van Dugin steunde de Deep State de globalistische leiders niet langer ‘onvoorwaardelijk.’ De reden? Ze moesten bewijzen dat de bedreiging voor het globalisme niet ernstig was, wat ze niet lukte.
Biden verloor met name het vertrouwen van de Deep State omdat hij er niet in slaagde Rusland (dat zich verzette tegen enorme militaire, economische en technologische druk) of China te onderwerpen. Bovendien bevestigde de succesvolle BRICS-top van 2024 in Kazan de voortdurende opkomst van multipolariteit, en nog belangrijker, ondanks de enorme druk op Donald Trump – in de vorm van verschillende rechtszaken en moordaanslagen – weigerde hij toe te geven. In plaats daarvan (p. 81):
Hij consolideerde een ongekende mate van steun binnen de Republikeinse Partij, radicaliseerde de populistische agenda en gaf in feite aanleiding tot een aparte ideologie.
De belangrijkste stelling van deze opkomende ideologie was dat het globalisme heeft gefaald – de crisis ervan is geen verzinsel van vijanden of propaganda, maar de realiteit zelf.
Daarom moeten de VS het pad van Samuel Huntington volgen in plaats van dat van Francis Fukuyama, terugkeren naar realisme in internationale betrekkingen, de fundamentele identiteit van Amerika herstellen, de woke-ideologie en perversiteiten afschaffen en het ideologische kader terugbrengen naar het klassieke liberalisme van de begintijd, doorspekt met protectionisme en een onbeschaamde dosis nationalisme.
Dit werd het project van MAGA – ‘Make America Great Again.’
Dugin ziet deze gang van zaken als de reden waarom de Deep State ‘zijn prioriteiten heeft verschoven’ en de Democraten verbiedt hem ‘uit te schakelen.’ In wezen gelooft hij dat de overwinning van Trump, tegen alle verwachtingen in, de Deep State heeft overtuigd van de crisis van het globalisme en van de noodzaak om zijn eerdere aanpak te verlaten. Men kan het oneens zijn met Dugin’s bewering dat Trump ’toestemming kreeg’ om het presidentschap op zich te nemen – en zich zelfs ’te omringen met een radicale factie van ideologische Trumpisten’ – maar het lijkt wel een plausibele reden waarom pogingen om Trump op alle mogelijke niveaus te dwarsbomen, of erger nog, niet ondraaglijk zijn verergerd (ook al zijn er wel enkele pogingen gedaan (bijvoorbeeld berichten zoals dit), en zullen deze waarschijnlijk worden voortgezet door facties en individuen wier wrok over zijn ‘succes’ geen grenzen kent). Zou een organisatie met de middelen van de Deep State immers niet weten hoe ze hem moet neutraliseren?
Voor Dugin is het ‘belangrijkste punt’ om te bedenken dat de ‘erkenning’ door de Deep State van Trumps ‘populistische’ overwinning, als weerspiegeling van de ‘onomkeerbare crisis van het globalisme,’ aangeeft dat zij zich bewust is van de noodzaak om haar mondiale strategie te herzien. Voor Dugin betekent dit moment een ‘historische verschuiving’ wat betreft de Amerikaanse ‘ideologie, strategie en bestuursstructuren.’
Een nadere beschouwing van de contouren van het trumpisme als ideologie brengt aan het licht dat het ‘postliberalisme’ vertegenwoordigt, in zoverre het een volledige breuk betekent met het voorheen dominante links-liberalisme. In tegenstelling tot de liberale Deep State – die, zoals Dugin ons eraan herinnert, ‘geen vaste ideologie heeft’ (p. 84) – heeft het trumpisme drie ‘pijlers’, namelijk de afwijzing van globalisme, links–liberalisme en woke culture, waarbij deze laatste wordt gezien als een ‘existentiële bedreiging’ voor de Amerikaanse identiteit. Volgens Dugin houdt dit verder de verwerping in van ‘genderideologie en de legalisering van perversiteiten’ (vandaar Trumps bewering dat er slechts twee biologische geslachten zijn, mannelijk en vrouwelijk), van kritische rassentheorie (voor zover deze haat tegen blanken cultiveert), van illegale immigratie, liberale censuur en ‘cancelcultuur’, en van postmodernisme. In plaats van deze antitraditionele liberale waarden promoot het trumpisme een terugkeer naar ‘traditionele Amerikaanse waarden en een beschavingsidentiteit die geworteld is in het erfgoed van de westerse beschaving.‘
Dugin (p. 92-94) wijst op de interessante ontwikkeling dat er binnen de brede categorieën van Trumps ideologische overtuigingen bepaalde scheidslijnen zijn ontstaan, zoals die tussen de ‘rechtse technocraten en rechtse traditionalisten’, met Elon Musk als de duidelijke leider van de eerste groep en Steve Bannon als speerpunt van de traditionalisten. Musk positioneert zich als tegenstander van het door George Soros gepropageerde links-liberalisme en vertegenwoordigt technocratie, futurisme en rechts globalisme, terwijl Bannon staat voor rechts traditionalisme en nationalisme en aandringt op strengere procedures om in aanmerking te komen voor het Amerikaanse staatsburgerschap.
Binnen het kamp van Trump is nog een andere ‘breuklijn’ ontstaan, namelijk die tussen vrijwel onvoorwaardelijke aanhangers van Israël en degenen die een voorzichtiger houding aannemen ten opzichte van Israël, waarbij Trump zelf, vicepresident J.D. Vance en minister van Defensie Pete Hegseth, die Israël volledig steunen, terwijl invloedrijke figuren als John Mearsheimer en Jeffrey Sachs fel gekant zijn tegen een dergelijk schijnbaar onbeperkt pro-Israëlstandpunt (p. 94-95). In vergelijking met de verdeelde houding van de Trumpisten ten opzichte van Israël lijkt er consensus te bestaan over de oppositie tegen China, grotendeels vanwege de linkse ideologie en het globalisme van dat land (p. 102). In vergelijking met China is Rusland volgens Dugin een relatief ‘onbelangrijke factor’ voor Trump en zijn aanhangers (en nog meer wat Oekraïne betreft), aangezien zij geen ‘ideologische of automatische russofobie’ koesteren (p. 104). Hoewel hij relatief weinig ‘sympathie’ voor Rusland onder hen constateert, onderscheidt hij wel een kleine groep russofielen die Rusland beschouwen als onderdeel van de ‘blanke christelijke beschaving.’
Een ander opmerkelijk aspect van de Trumpistische ideologie is de ‘geopolitiek’ (p. 98-100), die, zoals te verwachten, een verschuiving weerspiegelt van een globalistisch naar een Amerikaans-centrisch, expansionistisch perspectief, zoals blijkt uit Trumps uitgesproken wens om Canada als 51ste staat bij de VS te voegen en Groenland om strategische redenen te kopen. Samen met de claim op controle over het Panamakanaal sluit deze benadering aan bij de eerder genoemde Monroe-doctrine. Zoals Dugin opmerkt, waren deze laatste kwesties vóór Trumps terugkeer in het presidentschap niet relevant, omdat de liberaal-democratische regeringen in kwestie onder controle stonden van de ‘globalistische elite.’
Hieraan gerelateerd is Trumps meedogenloze ‘ontmanteling’ van globalistische regimes die zich positioneren als een proto-wereldregering (de WEF-agenda), en Dugin (p. 100) zinspeelt op de onverwachte snelheid waarmee Trump en zijn aanhangers – zoals Elon Musk, die zijn platform X in dit verband als een zwaard heeft gehanteerd – zijn begonnen met het uitvoeren van operaties voor regimeverandering op internationaal niveau, waarbij zij Europese populisten en antiglobalisten begunstigen. In de woorden van Dugin (p. 101):
Trumpisten zetten liberalen en globalisten in Europa op hun plaats. Uiteindelijk streven zij naar consolidatie van het Westen als een verenigde geopolitieke en ideologische beschaving. In wezen bouwen zij aan een volwaardig Amerikaans imperium.
Of men het nu eens is met Dugins beoordeling van het belang van de herverkiezing van Donald Trump als president van de Verenigde Staten of niet, het is aantoonbaar een scherpzinnige en veelomvattende beschrijving van zijn plaats binnen de context van Amerika en zijn internationale positie.
Bert Olivier
Honorary Professor of Philosophy
University of the Free State
South Africa
Copyright © 2025 vertaling door Frontnieuws. Toestemming tot gehele of gedeeltelijke herdruk wordt graag verleend, mits volledige creditering en een directe link worden gegeven.
Volg Frontnieuws op 𝕏 Volg Frontnieuws op Telegram





Als een meester spreekt !!! kunnen we beter even zwijgen en Luisteren..
Uitstekend stuk.
De werkelijkheid is altijd weerbarstig echter. Ik was ook volledig overtuigd dat Trump een ”Israel uber alles” man was. Ik zat fout. Even drie belangrijke punten benoemen waarom.
Ten eerste, Trump wil een deal met Iran maken. Dit wil Israel absoluut niet. De UK ook niet trouwens. Zie het absurde nieuws over de ”verijdelde aanslag op de Israelische ambasade in London door Iraniers. Ook natuurlijk de ”ontdekking van een nuke fabriek” door Israel. Over het algemeen bewijs dat die landen de onderhandelingen willen saboteren.
Ten tweede heeft hij een deal met de Houthi’s gesloten. Eentje heel erg in het nadeel van de Israeliers. De deal is basically, de Amerikanen vallen hen niet meer aan in ruil voor geen aanvallen van hen op Amerikaanse marine en commerciele schepen. Israel was niet betrokken bij de deal en kan aangevallen blijven worden door de Houthi’s. Helpt de Iraniers met de nucleaire onderhandelingen.
Tot slot hebben de Amerikanen de vrijlating van een Hamas gegeizelde duaal burger voorelkaar gekregen. Wederom zonder de Israeli te betrekken. Wederom meer kans dat de Iran VS deal kans van slagen heeft.
Kortom, Trump heeft laten zien dat Israel niet zijn top prio is. Iets wat mij zeer heeft verbaast. Aangenaam verrast zelfs moet ik zeggen. Zover ik weet heeft geen enkele president van de VS in mijn leven Israel zo voor schut gezet.
Groeten,
Hugo
Hugo,
Je zat niet fout..
Binnen het kamp van Trump is nog een andere ‘breuklijn’ ontstaan, namelijk die tussen vrijwel onvoorwaardelijke aanhangers van Israël en degenen die een voorzichtiger houding aannemen ten opzichte van Israël, waarbij Trump zelf, vicepresident J.D. Vance en minister van Defensie Pete Hegseth, die Israël volledig steunen, terwijl invloedrijke figuren als John Mearsheimer en Jeffrey
Sachs fel gekant zijn tegen een dergelijk schijnbaar onbeperkt pro-Israëlstandpunt (p. 94-95).
Kortom, Trump heeft laten zien dat Israel niet zijn top prio is. Iets wat mij zeer heeft verbaast. Aangenaam verrast zelfs moet ik zeggen. Zover ik weet heeft geen enkele president van de VS in mijn leven Israel zo voor schut gezet.
Als je het artikel goed had gelezen, had je bepaalde onderdelen van het artikel niet hoeven uit te leggen. Trump is een crypto-jood, dus volledig Pro Israël (Chazaren-rijk).
Efka,
Ik heb het stuk prima gelezen. Ik denk eerlijk gezegd dat jij een probleem hebt met twee dingen. Het concept genaamd chronologie en een enorme bias. Mijn tip, probeer je bias los te laten en zaken te bekijken zoals ze gebeuren. Niet zoals ze je in jouw bias passen.
Een andere vaardigheid die je zou moeten overwegen om te ontwikkelen is het concept van chronologie.
Hugo
Thanks for that, Hugo – It is good to see that there are other people who have noticed Trump’s changed stance to Israel. I must admit, I had little hope of that happening, but there you are. The only two things that still worry me about him, is his support of the ‘Real ID’, and the fact that he has approved sending long-range missiles to that clown, Zelensky.
Trump is zijn tweede termijn als president van de Verenigde Staten begonnen met een opvallend krachtig signaal: zijn eerste buitenlandse reis gaat naar de Golfregio (o.a. Saudi-Arabië, de VAE en Qatar). De nadruk ligt volledig op zakelijke deals, militaire samenwerking en strategische allianties.
Met miljardencontracten op komst en geschenken als een luxe privéjet (Air Force One) van Qatar, laat Trump zien dat hij de Golfstaten beschouwt als serieuze partners in geopolitiek en handel. Deze hernieuwde intensieve samenwerking heeft grote gevolgen voor de BRICS-landen.
Saudi-Arabië en de VAE zijn formeel (kandidaat-)leden van BRICS+. BRICS is bedoeld als tegenwicht tegen Amerikaanse dominantie, maar als belangrijke leden weer openlijk de hand reiken naar Washington, wordt die eenheid ondermijnd.
China heeft zich de laatste jaren succesvol gepositioneerd als nieuwe macht in de Golfregio, met onder andere:
De bemiddeling tussen Saudi-Arabië en Iran (2023)
Grote energie- en infrastructuurprojecten
Samenwerkingen rond 5G en digitale valuta. Maar de terugkeer van Trump zet dit onder druk: De Golfstaten kiezen opnieuw voor Amerikaanse wapens, technologie en diplomatieke bescherming. Er is minder ruimte voor Chinese invloed op gevoelige dossiers als energie, veiligheid en AI. China wordt hier deels buitenspel gezet in een regio die het juist als prioriteit beschouwde binnen zijn “Belt and Road”-strategie.
Iran is een recent toegetreden lid van BRICS+. Maar het is tegelijkertijd al decennialang de grootste vijand van veel Golfstaten, met name Saudi-Arabië en de VAE. De kans groeit dat Iran zich minder veilig voelt binnen BRICS en dat de spanningen tussen BRICS-leden onderling toenemen.
De VAE en Dubai willen de wereldleider worden op het gebied van kunstmatige intelligentie (AI). Daarvoor hebben ze geavanceerde Amerikaanse chips en kennis nodig, die de regering-Biden eerder beperkte. BRICS wordt hierdoor technologisch zwakker, zeker als leden buiten het kamp belangrijke innovaties inkopen bij de VS.
Qatar presenteert zich als een diplomatieke hub (bijv. bij de bemiddeling tussen Israël en Hamas). Door Trump letterlijk een ‘vliegend paleis’ aan te bieden, kopen ze goodwill bij de VS. Dit is een duidelijke vorm van diplomatieke positionering waarin de VS opnieuw als onmisbare partner wordt gezien – ten koste van BRICS-macht in het multilaterale speelveld.
Een van de kernmissies van BRICS is het bevorderen van een multipolaire wereldorde, waarin de VS niet langer het dominante machtscentrum is. Het beeld ontstaat dat BRICS nog niet sterk of aantrekkelijk genoeg is om topprioriteit te krijgen bij zijn eigen leden.
Wat betekent dit concreet voor BRICS?
Interne verdeeldheid: BRICS+ landen hebben tegenstrijdige belangen en loyaliteiten.
China en Rusland verzwakt: Minder invloed in de Golfregio, waar ze juist op inzetten.
Iran raakt geïsoleerd: En voelt zich kwetsbaarder binnen de alliantie.
VS herpakt strategisch overwicht: Economisch, militair én technologisch.
BRICS verliest momentum: De ambitie van een alternatief machtsblok krijgt een flinke knauw.
Waar staat Europa momenteel in het geopolitieke spel?
➤ Verzwakt door interne verdeeldheid
Duitsland en Frankrijk trekken aan verschillende touwen: Duitsland economisch voorzichtig, Frankrijk geopolitiek ambitieus (denk aan Macron’s flirt met “strategische autonomie”).
Oost-Europese landen (Polen, Baltische staten) zijn juist meer pro-Amerikaans dan pro-EU.
Het VK is na de Brexit volledig buiten de Europese machtsstructuur komen te staan.
Gevolg: Europa is geen strategisch eenheidsfront, maar een verzameling landen die vaak tegenovergestelde belangen hebben.
➤ Geen harde macht (meer)
Europa heeft geen echte militaire macht, los van de NAVO – die wordt weer door de VS gedomineerd.
De EU is economisch groot, maar mist:
een eigen tech-sector (zoals de VS of China),
grondstoffen (zoals Afrika of Rusland),
energie-autonomie (zeker sinds het verlies van Russisch gas).
Europa biedt dus niets wat niet elders goedkoper, sneller of betrouwbaarder te halen is.
➤ Afhankelijkheid maakt kwetsbaar
Energie? Europa koopt LNG van de VS en probeert groene energie op te bouwen, maar is nog verre van autonoom.
Tech? Europa is afhankelijk van Amerikaanse (chips, cloud, AI) én Chinese systemen.
Veiligheid? De NAVO is essentieel, en dus de Amerikaanse goodwill.
➤ Zonder de VS zou Europa militair volledig blootliggen, en zonder China/VS zou de industrie stilvallen.
🔍 Wat betekent Trumps opkomst voor Europa?
1. 🛡️ NAVO onder druk
Trump heeft al eerder gezegd dat Europese NAVO-landen “niet genoeg betalen” en dus geen bescherming verdienen. Als hij:
weer president is,
opnieuw een isolationistische koers vaart,
dan kan Europa militair geïsoleerd raken, terwijl Rusland nog altijd een dreiging vormt.
2. 💵 Europa als afzetmarkt, niet als bondgenoot
In Trumps wereldbeeld is Europa:
geen strategisch partner, maar:
een concurrerende handelsmacht (denk aan BMW, Airbus, EU-regelgeving),
een luie bondgenoot die “parasiteert” op Amerikaanse veiligheid.
Trump wil liever deals sluiten met Golfstaten, Azië of zelfs Rusland, als daar meer geld of invloed uit te halen valt.
3. 🧊 Europees idealisme raakt bevroren
Europa bouwde decennia lang aan:
mensenrechtenbeleid,
klimaatakkoorden,
multilateralisme,
diplomatieke soft power.
In de harde geopolitieke realiteit van Trump, Xi, Poetin en zelfs Modi doet idealisme er steeds minder toe.
➤ Zachte macht is macht, totdat je niets meer hebt om het af te dwingen.
💣 Risico: Europa als geopolitiek object i.p.v. subject
Je zegt: “Europa wordt verkocht aan de hoogste bieder.” Dat is geen overdreven beeld. We zien:
China die invloed koopt in Zuid-Europa (havens in Griekenland, 5G-netwerken).
VS die militaire infrastructuur uitbreidt (bijv. in Polen, Roemenië).
Rusland die via desinformatie en energie Europa destabiliseert.
Golfstaten en Azië die Europa vooral als luxemarkt zien, niet als speler.
➤ Europa wordt bespeeld – niet omdat het klein is, maar omdat het geen strategie meer heeft.
🧩 En wat doet de EU hiertegen? Tot nu toe: weinig
Macron praat over “strategische autonomie”, maar krijgt weinig steun.
Duitsland is economisch verlamd (industrieverlies, dure energie, afhankelijk van export).
Brussel is druk met regelgeving (AI Act, Green Deal), maar niet met geopolitiek spierballenvertoon.
Er is dus geen gezamenlijk plan voor:
militair vermogen,
energiezekerheid,
technologische onafhankelijkheid,
diplomatieke assertiviteit.
🧭 Wat moet Europa doen – als het nog invloed wil behouden?
Militair sterker worden – onafhankelijker van de VS.
Echte Europese defensiecapaciteit ontwikkelen.
Eigen strategische industrie beschermen.
Chips, AI, energie, biotech in eigen hand houden.
Politieke eenheid afdwingen.
Geen verdeeldheid tussen Oost, West, Noord en Zuid.
Bondgenoten kiezen op basis van gedeelde waarden én belangen.
Niet naïef afhankelijk zijn van VS, China of Rusland.
🎯 Conclusie
Je hebt gelijk: Europa is aan het wegglijden van invloed naar irrelevantie. En zolang het zich laat meeslepen door grootmachten, zonder zelf iets terug te zetten, zal het een speelbal blijven in plaats van een speler.
Als Europa nu geen fundamentele keuzes maakt, wordt het inderdaad ‘verkocht’ — niet letterlijk, maar wel geopolitiek, economisch en technologisch.
Tjonge.
Geen speld tussen te krijgen.
Ik ben 50+ zonder kinderen.
Ben ik wel blij om,nu